februari 2018

 

22 februari 2018

Rotterdam – Wenen - Bratislava

 

We gaan om 16.15 met de auto naar Rotterdam-the Hague airport. WeBurcht en Martinsdom Bratislava hebben al ingecheckt, dus alleen de koffer moeten we nog afgeven. We eten wat in het restaurant voor de veiligheidscontrole met uitzicht op het vertrekplatform. Na het eten gaan we door de veiligheidscheck en moeten dan naar een tijdelijke vertrekhal lopen. Daar drinken we nog een kop koffie en wachten tot wij aan boord kunnen gaan. Om 18.00 gaan we aan boord en het vliegtuig van Transavia met vluchtnummer HV5293 vertrekt op tijd om 18.15 en komt ook op tijd in Wenen aan, iets voor 20.00. We halen de auto bij Sixt op. Op de luchthaven van Wenen is dat nog een behoorlijk lange wandeling door tunnels, treinstation en liften, maar het lukt allemaal wel. De auto staat op de 8e etage in de parkeergarage. We rijden de snelweg op naar Bratislava. Na een half uur zijn we bij de grens met Slowakije en dan is het nog 14 km voor we bij het Radisson Blu Carlton hotel zijn, midden in het centrum. We rijden over de beroemde UFO-brug en dan zijn zijn we er. We kunnen parkeren in de parkeergarage van het hotel. De kamer is prima in orde. We drinken nog wat in de hotelbar en worden meteen geconfronteerd met het Slowaakse rookbeleid. De niet-rokers moeten buiten de bar in de lobby plaatsnemen, terwijl de rokers in de bar kunnen paffen!

Weer: in Wenen -1⁰C en lichte sneeuw.

 

Vrijdag 23 februari 2018

 

We staan rond 7.30 op en ontbijten in het hotel. Het ontbijt is goed verzorgd en uitgebreid. Na het ontbijt gaan we op zoek naar een konditorei, maar die gaan pas rond 9.30 open. We vinden op het hoofdplein een café, waar ze cappucino hebben. Niet goedkoop: 3,40 euro. We lopen richting de Martinsdom. De kerk is relatief eenvoudig. Een gotische kerk uit de 15e eeuw, die later een paar keer is gerenoveerd. Het bijzondere aan de kerk is dat het lange tijd de kroningskerk was voor de Hongaarse koningen. Vanaf de 11e eeuw was Bratislava in Hongaarse handen en omdat laag Hongarije in Turkse handen viel werd Bratislava de hoofdstad van Hongarije. Dit duurde tot in de 17e eeuw. Pas in 1918 werd Slowakije met Tsjechië, onafhankelijk van de Oostenrijk-Hongaarse monarchie. We lopen de burchtheuvel op, door nauwe en stijle straatjes. De burcht van Bratislava dateert terug tot de 15e eeuw, maar is in 1811 uitgebrand. Pas na de tweede wereldoorlog is men begonnen met de wederopbouw van het kasteel, die pas na de onafhankelijkheid werd voltooid. Het kasteel ziet er dan ook erg nieuw uit. Om 10 uur gaat het open voor bezoekers. Het kasteel herbergt het museum voor Slowaakse geschiedenis. Veel schilderkunst van Slowaakse schilders. In de burcht is ook een concertzaal. Er wordt ook een kopie van de Stefanskroon van de Hongaarse koningen tentoongesteld in één van de kasteeltorens. We drinken in het café een kopje koffie en lopen dan de heuvel weer af. We gaan via de St Nicolaas kerk en zien daar het beeld van de mytische figuur Basorka door de Slowaakse beeldhouwer Tibor Bárthfay. Het is een jonge heks met breed uitgesponnen haar, lange benen en in gezelschap van raven. We rusten even uit in het hotel en lunchen in het hotelrestaurant. Om 14 uur worden we opgehaald door onze gids Peter, die ons door de oude stad gidst. Peter weet heel veel te vertellen over bijna elk gebouw in de oude stad. In die oude stad staan veel adellijke stadspaleizen en ook een flink aantal kerken. Een aantal van die adellijke paleizen hadden in de loop van de tijd beroemde componisten op bezoek. Mozart gaf hier als kind concerten en Van Beethoven en Liszt werkten hier als pianoleraar. Bela Bartok ging hier naar het gymnasium. We beginnen op het Hvievdoslav Namieste, het plein voor het hotel. Dit was ooit een zijarm van de Donau, maar is onder Maria Theresia gedempt. Op het plein staan een aantal standbeelden van dichters, waaronder Hvievdoslav, maar ook HC Andersen, de Deense sprookjesschrijver, die ooit de stad bezocht en er mooi over schreef. Vervolgens komen we langs de Martinsdom en lopen langs het Clarissenklooster met haar 14e eeuwse kerk. De kerktoren heeft geen eigen fundament, maar rust op een pilaar van de noordgevel. We lopen naar de Michaelsstadspoort, de enig overgebleven stadspoort van de stad. De andere stadspoorten zijn onder het bewind van keizerin Maria-Theresia gesloopt. Het poortcomplex heeft twee poorten, die haaks op elkaar staan. Het doel was aanvallers van buiten naar binnen te lokken en vast te zetten tussen de twee poorten. Buiten de poort ligt een brug over de voormalige stadsgracht, die wordt geflankeerd door beelden van de aartsengel Michael en de heilige Johannes Nepomuk, een zeer populaire heilige in het voormalig Habsburgse rijk.  Terug de stad in komen we langs het Franciscanenklooster met kerk, de oudste kerk van Bratislava. Ze is al in 1297 gewijd. Ernaast staat de Jezuďetenkerk, die oorspronkelijk aan de protestantse gemeente behoorde, Cumilmaar tijdens de contrareformatie in handen van Jezuďeten kwam. Vervolgens komen we uit op het hoofdplein, waaraan het oude stadhuis is gelegen. Dit is een aaneenschakeling van burgerlijke en voormalige kerkelijke gebouwen. Op het plein staan een aantal beelden, die voornamelijk een decoratieve waarde hebben, maar wel erg fotogeniek zijn, zoals het beeld van een Napoleon-achtige figuur, leunend op een bankje voor de Franse ambassade en die van Cumil, een rioolwerker, die opduikt uit een putdeksel. Naar een echte levende persoon is het beeld voor de Konditorei Mayer gemaakt. Ignac Lamar leefde van 1897 tot 1967 en was in Bratislava een bekende figuur, die voor alle dames zijn hoge hoed afnam en elke dag bij Mayer een bruidstaart bestelde voor de bruiloft die nooit kwam. We komen weer terug uit op de Hvievdoslav Namieste bij het nationale theater, waar veel opera’s worden opgevoerd. Deze trekken ook publiek uit Wenen vanwege de aanmerkelijk lagere prijzen van de toegangskaartjes hier. Het is in de 19e eeuw in steen uitgevoerd. Ernaast staat de Philharmonie, die weer naast ons hotel staat. We nemen afscheid van Peter en gaan ons even opwarmen op de kamer. Het is behoorlijk koud en omdat we met Peter veel hebben stil gestaan voor al die historische gebouwen zijn ietwat onderkoeld geraakt.

Na de opwarming steken we de UFO-brug over. Deze brug uit 1973 is opgeleukt met een UFO-vormig restaurant boven op de pyloon, die de brug draagt. We koelen weer flink af en keren terug naar het hotel.

’s Avonds eten we bij Modra Hviezda op de burchtheuvel. Het is een traditioneel Slowaaks restaurant. De bediening is vriendelijk. De voorgerechten zijn simpel. De hoofdgerechten zijn wat meer bijzonder. Erik neemt varkensschnitzel. Dubbelgevouwen op een röstipannenkoek. Het vlees is helaas wat droog. Dat geldt ook voor mijn wildzwijn lendestuk op aardappelpuree. De Slowaakse cabernet sauvignon is wel goed. Als nagerecht nemen we ijs, respectievelijk een chocoladetaart met amandel – de vruchtentaart werd ons dringend afgeraden. Waarom is niet helemaal duidelijk. We lopen terug naar het hotel en drinken daar koffie.

Weer: rond het vriespunt. ’s Ochtends lichte sneeuw. ’s Middags klaart het op en schijnt een flauw zonnetje

 

zaterdag 24 februari 2018

Bratislava - Nitra - Trnava - Bratislava

Na het ontbijt halen we de auto uit de parkeergarage en rijden we via de D1 snelweg naar Nitra. In Nitra rijden we even verkeerd, maar komen weer snel op het goede pad. In het centrum parkeren we de auto nabij de ingang van de burchtheuvel. We gaan eerst nog even koffiedrinken. We nemen plaats maar komen erachter dat we in de rookruimte zitten, die bijna net zo groot is als de rookvrije ruimte. Even verplaatsen dus. We lopen bergopwaarts naar de St Emmeramuskathedraal op de burchtheuvel. De kerk bestaat uit drie delen. Het bovenste deel is het grootste. Van oorsprong een romaanse basiliek, maar later rijkelijk gedecoreerd in barokstijl. De lagere kerkdelen zijn veel kleiner en soberder. We lopen rond over het bovendeel van de burchtheuvel en genieten van het uitzicht over Nitra. We lopen vervolgens weer naar beneden en bekijken het benedendeel van de burchtheuvel met het grootseminarie en het bisschopspaleis. Op het centrale pleintje staat een enorm beeld van de Slavische vorst Pribina (± 800-861) die hier de eerste kerk liet bouwen. Op de hoek van paleis van de Kanunniken draagt een enorme Atlas het paleis op zijn schouders. Volgens de legende was hij een krachtige smid, die de Ottomanen ervan weerhield debovenstad te veroveren door hen met enorme rotsblokken te bekogelen. We lopen de stad weer in en pakken de auto om naar de Kalvaryheuvel te rijden aan de andere kant van de stad. Het is een eenvoudig kapelletje gewijd aan de Mariahemelvaart. Terug in het centrum van Nitra eten we wat in het moderne winkelcentrum net buiten het oude centrum. Een Slowaakse uit Zandvoort wijst ons in het Nederlands de weg naar de restaurants.

Na de lunch rijden we naar Trnava, halverwege de weg naar Bratislava. Dit plaatsje staat bekend als klein Rome, vanwege het grote aantal katholieke kerken. We drinken eerst koffie in een zaakje (Babovka) bij de franciscanerkerk St Jacobus. Ze zijn net drie dagen open en voelen zich vereerd met het internationale bezoek. We moeten zelfs op de foto met de eigenaar. De kerk was overigens gesloten Daarna lopen we over het drieënigheidsplein langs de stadstoren naar de kathedraal St Nicolaas – die net wordt opengedaan door de kosterSt Nicolaaskerk Trnava – en bewonderen de rijke barokke decoraties. Fresco’s met de profeten en de evangelisten versieren het plafond. We gaan weer naar buiten, de snijdende kou in en lopen naar de Johannes de Doper kathedraal. Dit was de eerste zuiver barokke kerk in Slowakije. De kerk werd in 1637 gewijd. De kerk heeft een enkele beuk en twee torens. Het gigantische altaar is uit 1640. Het meet 20meter hoog en 14 breed. Een van de grootste in Europa. Paus Johannes Paulus II bezocht de kerk in 2003. Er staat een standbeeld van hem voor de deur.

We rijden weer terug naar Bratislava, waar we rond 15.30 aankomen. Na een korte pauze drinken we een cocktail in de Sky Bar, die net als ons hotel aan deJohannes de Doperkerk, Trnava Hviezdoslav ligt. Het uitzicht vanaf de Skybar is prachtig. Je ziet de daken van de oude stad, het kasteel en de Martinsdom. Aan de bar zitten leuke jongens, de tafels aan het raam zijn nog vrij. We nemen allebei een cocktail. Ik een Bali Bali met kokosdrank en Erik iets bijzonders met een suikerspin rond het rietje.

Na de cocktail gaan we via het hotel naar het restaurant Hradna Hviezda. Het restaurant ligt op de burchtheuvel en het is een flinke klim om er te komen. Het is er niet druk, maar het eten is goed in orde. Ik neem een carpaccio, gevolgd door een Reemedalion en Erik nam als voorgerecht gegrilde schapenkaas met basilicumvinaigrette, gevolgd door gekruide petite mignons met aardappel pannenkoekjes (harula). Het smaakt prima, maar is wel machtig. Als nagerecht is er niet veel keuze. We nemen het gebakje en niet de flensjes. We drinken er een Slowaakse wijn bij. Slowaakse wijnen worden niet of nauwelijks geexporteerd, maar smaken redelijk tot goed. Na het diner lopen we de Burchtheuvel langs de andere kant naar beneden en stoppen bij Teplaren, een klein homocafé. Het heeft een ongedwongen sfeer en is holebi gemengd. Na een Slowaaks bier, Steiger. Na het biertje weer terug naar het Hotel.

Weer: zonnig en koud: -3 tot -1 graden.

 

Zondag 25 februari 2018

Na het ontbijt lopen we door de bittere vrieskou naar de BlauweBlauwe Kerk Bratislava kerk of St Elisabethkerk. Deze kerk is in 1908 gebouwd naar een ontwerp van de Hongaarse architect in Jugendstil. Er is een mis gaande, die druk wordt bezocht. We pikken er nog de laatste minuten van mee. Nadat de laatste tonen van het orgel hebben geklonken, loopt de kerk in hoog tempo leeg en kunnen we wat foto’s maken van het pastelblauwe Jugendstil interieur. We lopen vervolgens naar het centrum en drinken koffie in een café. Daarna lopen we naar het Primatenpaleis. Dit was ooit het aartsbisschoppelijk paleis. In de tijd dat Hongarije grotendeels was bezet door de Turken in de 16e eeuw vestigde de aartsbisschop van Estergom zich hier. Nadat de Turken eind 17e eeuw uit Hongarije waren verdreven verhuisde het aartsbisdom terug naar Estergom. Het paleis werd aan de stad verkocht. Bij een verbouwing ontdekte men een aantal zeer kostbare gobelins, die in de 17e eeuw in Engeland waren gemaakt. Er ontstond een geschil tussen de bisschop en de stad over het eigendom. De ruzieDanubiana Meulensteen Art Museum eindigde met de schenking van de tapijten aan de stad onder voorwaarde dat ze altijd publiekelijk toegankelijk zouden zijn. Behalve de prachtige tapijten is hier in het gebouw ook de Spiegelzaal, waar op 26 december 1805 de Pressburger vrede werd gesloten na de slag bij Austerlitz, die door Napoleon voor Frankrijk op de coalitie van Engeland, Oostenrijk en Rusland was gewonnen. Ook is er een raam dat in de Ladislaus kapel kijkt. Ook daar is een dienst gaande. Het gebouw is in classicistische stijl ontworpen door een Weense architect en heeft een opvallend roze gevel, bekroond door een gigantische kardinaalshoed. Nu is het, naast museum, de zetel van het stadsbestuur.

We halen de auto op en rijden de stad uit naar Danubiana – Meulensteen Art Museum. Het is ongeveer een half uur rSovjet oorlogsbegraafplaatsijden. Dit museum ligt op een eiland in de Donau op de grens met Hongarije en is gesticht door de Nederlandse industrieel Gerard Meulensteen. Het heeft een collectie moderne en hedendaagse kunst, voornamelijk van Slowaakse kunstenaars. Echter ook een aantal werken van Karel Appel en Corneille, Miro en Gabo. Het museum ligt prachtig aan het water en de beeldentuin is mooi verweven met het museum zelf. Er zijn ook twee tijdelijke tentoonstellingen van Francesa Marti en de fotograaf Robert Vano. We eten nog wat in het museumcafé en rijden dan weer de stad in naar het monument voor de gevallen soldaten van het Rode Leger. Hier worden de 7000 gevallen militairen herdacht, die het leven lieten bij de bevrijding van Slowakije van de Nazi’s. Dat deze bevrijding weer een nieuwe bezetting inluidde wordt niet erg onder de aandacht gebracht. Het monument ligt boven op een heuvel en heeft een geweldig uitzicht op de stad. Boven op de zuil staat een strijdbare soldaat met een banier. In de tuin nog een gedenktegel voor Alexander Dubcek, de man die tijdens de Praagse lente van 1968 het socialisme een menselijk gezicht wilde geven, hetgeen in de ogen van het Kremlin in Moskou geen genade kon vinden. Dubcek werd door troepen van het Warschaupact afgezet, sleet zijn dagen als conciërge, tot hij bij de Fluwelen revolutie van 1989 weer naar boven kwam en voorzitter werd van het federale parlement van Tsjechoslowakije. Hij overleed in 1997.

We rijden terug naar het hotel en drinken nog een koffie met gebak bij Konditorei Mayer, aan het hoofdplein. Rond half vijf pakken we de koffers en rijden we naar Schwechat, de luchthaven van Wenen. We leveren de auto in bij Sixt en lopen naar vertrekhal 1A, waar we onze koffer willen afgeven. Hal 1A is een losstaande dependence van de hal 1. Als we er binnenkomen is die totaal verlaten. We zijn te vroeg. Pas twee uur voor vertrek gaat de balie open. Voor de veiligheidscontrole zijn er niet veel eetgelegenheden. We moeten het met de Burger King stellen. Na de burger kunnen we wel terecht met onze koffer en gaan vervolgens door de controle. Daar wacht een uitgebreid winkel en eetparadijs, maar wij zitten al vol. Dan maar geduldig wachten op onze vlucht met een kopje koffie. De vlucht van Transavia is vertraagd, vanwege vertragingen eerder die dag en we vliegen pas rond 21.20. De vlucht verloopt verder vlekkeloos en rond 23.00 komen we in Rotterdam aan. Met de auto naar huis.  

Weer: zonnig en koud: -9 graden

 

lees Andere Reisverhalen